Voor de poorten van de tijdnoodhel weggesleept…

Het vierde team heeft de wedstrijd RSR Ivoren Toren 5 – Erasmus 4 gewonnen en doordat de concurrentie verloor hebben we nog steeds kans op promotie. Dan moeten we wel de volgende wedstrijd winnen. En dat tegen de nummer 1 en reeds kampioen: Onésimus 2.

Maar nu eerst de vrijdag 17 februari gespeelde wedstrijd tegen RSR Ivoren Toren 5.

Vooraf vertelde Herman Beerling ons, wat RSR betekent: ‘Regina Sacratissimi Rosarii’. Oftewel: Heilige vorstin van de Rosaria, een Rooms-Katholieke orde. Inmiddels is dat Rooms-Katholieke uit de naam geschrapt, maar RSR staat er nog steeds in. Herman vertelde er ook bij dat hij een paar keer kampioen is geweest van deze vereniging. In de jaren 70 van de vorige eeuw, dat dan weer wel.

Nu in vogelvlucht het resultaat van de partijen. Cor van As aan bord drie had zo genoeg van het ontstaan van het ‘Van As syndroom’ (dat is het alsmaar verliezen in bondswedstrijden, terwijl je wel goede aanvalskansen hebt), dat hij als eerste scoorde. Zijn tegenstander hielp door kwaliteitswinst te nemen. Hij ruilde namelijk zijn loper van g7 met de toren op a1. Ziet u het voor u? Zwarte pionnen op h7, g6 en f7 zonder de loper die op g7 hoort. De witte dame op a1 en de witte lopers gericht op de zwarte koningsstelling. Om 21.00 uur was het uit.

Aan bord 1 viel Peter Weeda in voor Anton van Berkel. Vrij snel verdwenen de dames en de lichte stukken van het bord, waardoor een spel met ieder twee torens en 7 pionnen ontstond. Peter, met wit, had mijns inziens een klein voordeel omdat hij een vrije d-pion had. Toen hij probeerde om daarmee door te breken ging het mis. Pionverlies en een open lijn voor de tegenstander werden fataal: 1 – 1.

Aan bord 4 vond Herman Beerling dat hij als oud-kampioen zijn partij moest winnen en hij trok met al zijn zware stukken ten aanval. En met succes. Rond 10 uur stonden we weer voor: 2 – 1.

Bij Jaap van Meerkerk aan bord 5 bleef de stand voortdurend in evenwicht, zodat er tot remise werd besloten.

Uw verslaggever aan bord twee kwam niet goed uit de opening. In een Siciliaan met zwart dreigde ik een aanval op mijn koningsvleugel te krijgen, waar ik geen verdediging tegen zag. Ik moest dus iets proberen en offerde een stuk tegen een pion. De aanval had ik daarmee voorkomen en een tijd lang hield ik nog spel, maar uiteindelijk deed het stuk achter me toch de das om: 2½ – 2½.

Aan bord 6 speelde Lucian Mihailescu weer zeer gedegen, hetgeen om 23.00 uur resulteerde in een vol punt: 3½ – 2½.

Het zag er goed uit voor ons team, want Victor Hooftman aan bord 7 stond een stuk en een pion voor en had meer tijd dan zijn tegenstander. En Alik Tchvelachvilli aan bord 8 stond gelijk, waarschijnlijk iets beter, maar had wel heel weinig tijd. Het vervolg was retespannend.

Bij Alik gebeurde er bijna niets, maar werden er wel heel veel zetten gespeeld. Langzaam kwam Alik minder te staan. Victor behield wel materiaalvoorsprong, maar de agressief spelende tegenstander maakte het erg moeilijk. Dat kostte tijd en ook overzag Victor diverse mogelijkheden om het uit te maken, althans volgens de omstanders! De tijdsvoorsprong van Victor verdween en op een gegeven moment bood de tegenstander remise aan. “Nee”, was Victors korte antwoord. Een paar zetten later kon Victor zijn extra stuk geven voor een pion en daarmee een winnend eindspel bereiken. Proficiat!

Alik verloor en de eindstand was 4½ – 3½ waarmee we dus in eigen hand hebben om tweede te worden en zo promotie af te dwingen.

Kijk hier voor alle uitslagen van het vierde team in de RSB competitie.

Bram de Knegt