Geheimzinnigheid troef, gevlagd in de remisehaven en een 7-5 7-5 overwinning

Geheimzinnig was de aankondiging van onze secretaris. ‘Aanstaande maandag rond 19.45 uur is er iets om te vieren. Niet heel lang, want daarna gaan we gewoon schaken.’

Dat zorgde voor de nodige nieuwsgierigheid bij verschillende Erasmianen.

En terwijl ondergetekende afgelopen zaterdag rustig en nietsvermoedend een kopje koffie dronk als voorbereiding op de wedstrijd tegen de Promotie 2 begon het kruisverhoor. “Wat is er maandag?” “Waarom moeten we eerder komen?” “Is het zo belangrijk, dat ik er mijn avondeten voor moet overslaan?” “Worden we al gehuldigd als kampioen, moeten we daar niets eerst voor gaan spelen?” “Wie wordt er erelid?”

En toen ondergetekende daarover nog niets losliet werden open en bloot allerlei strategieën gedeeld variërend van chantage “Ik kan me echt niet concentreren tijdens deze belangrijke kampioenswedstrijd, als ik niet weet wat er maandag gaat gebeuren.” tot – op zich waardeerbare – strategieën “We gaan je na de wedstrijd gewoon dronken voeren, dan vertel je het vanzelf.” tot alternatieven “Hmm, hij wil echt niets vertellen, we gaan het aan Leo vragen!”

Iedereen moest geduld houden tot maandag, maar dat was zeker de moeite waard! Want Erasmus ontving uit handen van ambassadeur Jan Stomphorst de verenigingsprijs 2018 van de KNSB voor het leveren van uitzonderlijke prestaties op het gebied van ledenwerving!

Maar zo rond acht uur werd het tijd voor het echte schaken, want ronde 9 van de finales stond op het programma!

En inmiddels begint de groep kanshebbers voor de titels steeds kleiner te worden!

Finalegroep A

In de A-groep stonden er vier partijen op het programma. Er viel één beslissing, waarover Henk hieronder verslag doet.

Wim Westerveld – Henk de Kleijnen

Henk doet uitgebreid verslag: “De bookmakers keken ervan op. Ik ook. Iedereen eigenlijk. Winst op de schier onverslaanbare Wim Westerveld, titelkandidaat nummer één. Wim en ik kennen elkaar al heel lang. Ik zag hem als bescheiden jongen over de drempel stappen van schaakvereniging Schiebroek. Daar groeide hij snel alvorens één van de spelers te worden van landskampioen Volmac Rotterdam. Jaren later meldde hij zich nog eens bij zijn oude club om daar ter gelegenheid van een of ander jubileum een simultaanséance te geven. Ik was één van zijn tegenstanders en verloor vrij kansloos.

Tegenwoordig spelen we beiden zowel bij Erasmus als bij Messemaker 1847. In het tweede team van de Goudse club, (nog) uitkomend in de derde klasse van de KNSB, ben ik speler-captain met een magere score. Wim is ‘mijn’ kopman, en heeft momenteel een score van 5 uit 5 met een TPR van dik 2400.

Maestro tegen underdog dus afgelopen maandagavond. Wim was met twee remises stroef gestart in de A-finale, maar alom werd van hem het begin van een inhaalslag verwacht. Ik besloot om mijn huid zo duur mogelijk te verkopen, speelde niet mijn favoriete Frans maar koos voor Scandinavisch. Wit zette zijn partij rustig op en stuurde aan op positioneel overwicht, kennelijk in de niet onlogische verwachting dat ik wel ‘ergens’ in de fout zou gaan. Dat gebeurde niet. Zelfs werd geen enkel reëel voordeel bereikt. Sterker nog: wit raakte meer en meer in tijdnood. Nadat zijn klok enkele malen minder dan 10 seconden had aangegeven, slaagde ik erin om via een giftig zetje zowel een pionnetje buit te maken als zóveel tijdwinst te boeken dat Wim op zet 55 zuchtend ‘door de vlag’ ging. In remisestelling vanwege eeuwig schaak, dat moet gezegd. Maar die klok stond er niet voor niets, toch? Ik voelde me achteraf een beetje als Feyenoord: grillig, maar tot positieve uitschieters in staat…

Wim staat, met nog enkele inhaalpartijen voor de boeg, voor de kolossale opgave om alsnog het individuele kampioenschap van Erasmus binnen te harken. Ik zie hem dat nog doen ook.”

Alle overige partijen eindigden in remise. Murdoch Mac Lean en Cander Flanders hadden daar nog geen 20 zetjes voor nodig, terwijl in de partijen tussen Martin Rensen en Wim Posthumus en tussen Arno van Houten en Kees van Toor pas laat op de avond tot een puntendeling werd besloten.

Een paar ronden voor het einde lijkt heeft vooral Murdoch Mac Lean goede papieren met een score van 4½ uit 6 met nog één partij tegen Wim Westerveld voor de boeg. Wim Westerveld is wat stroef gestart, maar heeft nog enkele inhaalwedstrijden te gaan en kan de achterstand op Mac Lean nog goed maken! Verder is Kees van Toor met een score van 3 uit 5 ook nog niet uitgeschakeld voor de titel.

Kijk hier voor alle uitslagen en de stand in finalegroep A.

Finalegroep B

In de B-groep vielen er alleen maar beslissingen in deze ronde. Dick Straathof was te sterk voor Leo de Jager,  Leo Verhoeven was te sterk voor Anton van Berkel en Davin Mostert versloeg Gerard Kastelein!

In de B-groep is nog alles mogelijk! Met 3½ uit 5 gaan Leo Verhoeven en Leo de Jager aan de leiding op de voet gevolgd door Paul Wilhelm en Dick Straathof met 3 uit 5. En zelfs Davin Mostert heeft met 2½ uit 5 nog een klein kansje op de titel. Leo Verhoeven en Dick Straathof doen verslag!

Anton van Berkel – Leo Verhoeven

Leo schrijft: Anton van Berkel zette de partij met wit rustig op. Zo rustig dat ik vreesde voor een herhaling van mijn partij in de voorronde met Pim Kleinjan: met een snel volledig vervlakte stelling. Maar zo ging het deze keer niet. Anton trok rond de 13e zet tegen de zwarte koning ten aanval met paard, loper en dame. Door mij onderschat. Maar het was voor wit toch te weinig. Wit moest de aanval afblazen met achterlating van een kleine kwaliteit. Daarna had zwart een gewonnen stelling.

Door wat onnauwkeurigheden werd het zwarte overwicht gaandeweg kleiner. Met de remisemarge weer in zicht. Vervolgens speelde Anton het weer te actief (toren naar voren in plaats van de boel achterin te stutten) waardoor er een pion verloren ging. Anton had nog in een verloren eindspel kunnen vluchten. Maar hij gaf op, objectief terecht. In het licht van de gepleegde onnauwkeurigheden wel vroeg. Er had nog van alles kunnen gebeuren… Al met al: het was meer spannend dan goed.

Leo de Jager – Dick Straathof

Dick mailde het volgende: We speelden een boeiende partij waarin al na vier zetten de theorieboeken verlaten werden. Eerst stond Leo (met wit) beter. Later kreeg ik tegenkansen en kwam gewonnen te staan na kwaliteitswinst. In de tijdnoodfase had het nog alle kanten op kunnen gaan, maar ik won uiteindelijk.

Leo de Jager – Dick Straathof, Erasmus intern finale B, 18 maart 2019

Kijk hier voor alle uitslagen en de stand in finalegroep B.

Finalegroep C

In de C-groep deed Eric Hoogenes hele goede zaken door een remiseachtig paardeneindspel heel lang uit te melken tegen Lucian Mihailescu. Uiteindelijk ging Mihailescu ten onder aan de tijdsdruk en ging hij door zijn vlag heen in een remise-eindspel.

Doordat Jan Hoek van Dijke heel netjes van de runner-up Marcel Tillemans won, staat Hoogenes nu 1½ punt voor met nog twee ronden te gaan!

En deze ronde ook weer veel mooie inzendingen van de spelers zelf! Geniet van de ervaringen van Ruud Neumeijer, Jan Smit, Coen van der Bijl, Leo de Rooij en Rogier Verkaik.

Ruud Neuijmer – Gerrit Boer

Ruud deelt via de mail: Geen diepzinnige partijgedachten, het had op sommige plaatsen wellicht iets beter gekund, maar ik ben op zich niet ontevreden over mijn eigen spel in deze partij tegen Gerrit. Zwart maakt er een prettige stelling van voor wits witte loper, zijn eigen paarden lopen erg in de weg. Wanneer zwart de torenruil aanbied, zie ik dat zwart één van de paarden gaat verliezen, dus de ruil direct geaccepteerd. Daarna overziet zwart de aftrekaanval, dan kunnen de stukken kunnen terug in het doosje… De partij is hieronder na te spelen!

Ruud Neumeijer – Gerrit Boer, Erasmus intern finale C, 18 maart 2019

Jan Smit – Jannieko Scheele

Jan schrijft over deze partij: Maandag 18 maart mocht ik de degens kruisen met Jannieko Scheele, dat was dan meteen de eerste keer dat wij elkaar achter het bord ontmoetten. Na een wat opmerkelijk begin (1. d4 d6 2. Pf3 Pf6 3. Lg5 h6 4. Lh4 Pe4, dit zie je meestal zonder eerst h6) werd in de opening al behoorlijk wat materiaal afgeruild. Na de onvermijdelijke afruil van het laatste lichte stuk bood Jannieko remise aan. Objectief gezien misschien terecht, maar na mijn ervaring van de week hiervoor (in gewonnen stand het volle punt weggegeven) wilde ik niet te snel weer een halfje verder achterop raken.

Beiden hadden we nog twee torens en de dame en een bord vol pionnen. Mijn stukken stonden iets actiever (torens gecentraliseerd en een dame die druk op het centrum gaf), Jannieko’s koning stond nog op e8 en zijn torens waren ook nog niet in beweging gekomen. Is het een mythe, is het gewoon onzin, in elk geval speelde Jannieko meteen nadat ik zijn vredesvoorstel had afgeslagen, zijn dame naar b6 met de dreiging Dx pion b2. Volgens Jannieko een slechte zet en ik speelde toen het winnende 20. e5 (dit opende het centrum, toch lastig met de koning nog zo centraal).

Jannieko koos voor de lange rokade, verloor daardoor een pion die hij even later terugwon (inderdaad, op b2), maar dat gaf mij de mogelijkheid beide torens af te ruilen, opnieuw een pion te winnen en, belangrijker, een ver opgerukte vrijpion (e6) te bezitten. Er moest voorzichtig gemanoeuvreerd worden om de vrijpion te verdedigen en eeuwig schaak te vermijden. Dat lukte allemaal uiteindelijk en promotie (of dameverlies voor Jannieko) werd onvermijdelijk: 1-0.

Coen van der Bijl – Anton van Bokhoven

Coen vertelt over zijn partij: Zo’n vijftig jaar geleden kende ik mijn agenda nog uit mijn hoofd, drie weken vooruit, per uur nauwkeurig. Toen kon ik ook nog goed schaken. Mooie tijden. Maar je wordt ouder, leert bij en je leert ook af. Vooruitdenken met schaken is veel minder. Andere dingen gelukkig weer beter, zoals relativeren. En zonder papieren agenda ben ik nergens.

Toen ik recent schaken weer opvatte, verloor ik dan ook met – in mijn gevoel, in tennis termen – met 6-0 6-0. Blunders en slecht. Intussen verlies ik met 7-5 7-5 : we gaan vooruit. En maandag 18 maart zelfs met 5-7 5-7 gewonnen. Een eindspel met ongelijke lopers. “Wordt altijd remise”, zei mijn opponent Anton van Bokhoven vol vertrouwen, maar tot mijn schrik. Ook met drie pionnen voor? Niet dus, althans deze keer niet. En zo wordt het steeds leuker. Was wel duwen en trekken de volle drie uur. Twee pionnen konden promoveren. En toen was het snel voorbij. Zie al weer uit naar de volgende partij.

Peter Ruimschoot – Leo de Rooij

Leo verhaalt ‘overwinning in rook op’: Of ik er bezwaar tegen heb als hij na zijn eerste zet met wit ‘even’ gaat roken? Natuurlijk niet, iedereen heeft recht op zijn eigen ‘guilty pleasures’. En dus verdwijnt Peter Ruimschoot, na c2-c4, opgelucht in de buitenlucht. Turend naar het gloeiend uiteinde van zijn genotsstaafje, stevig inhalerend, diep nadenkend over zijn vervolgzet. Terwijl de tijd loopt. En doorloopt. Want dat hadden we zo afgesproken.

Afijn, lang verhaal kort: Peter staat gaandeweg de partij uiteindelijk beter, wil de allesvernietigende mat-aanval inzetten, maar strandt in het zicht van succes doordat zijn vlag valt. Een (bijna) zekere overwinning gaat – (bijna) letterlijk – in rook op. Op het pijpenrekje bij mijn oma (zie foto) las ik wekelijks de spreuk ‘Een goede rooker is geen onruststoker’. Dat zal best zo zijn, maar ik denk dat Peter daar even geen boodschap aan heeft…

Jurriaan Verhofstad – Rogier Verkaik

Rogier vertrouwde aan de mail toe: Het is altijd weer spannend om te weten of ik nog kan schaken na meer dan 3 maanden absent te zijn. Door mijn afwezigheid bevind ik mij (nog) in de onderste regionen van finalegroep C en mocht ik met zwart tegen Jurriaan Verhofstad spelen.

Jurriaan speelt sinds kort op clubniveau, en helaas was het niveauverschil iets te groot. Hopelijk spelen we over een tijd met hoogstwaarschijnlijk een minder niveauverschil. De avond begon overigens met het heuglijke nieuws dat Erasmus schaakclub van het jaar is geworden. Proficiat voor het bestuur en iedereen die met veel inzet de club een succes maken!

Kijk hier voor alle uitslagen en de stand in finalegroep C.

Frank van Zutphen